Affichage des articles dont le libellé est Formation. Afficher tous les articles
Affichage des articles dont le libellé est Formation. Afficher tous les articles

mercredi 16 janvier 2008

Coaching @ SD Worx

Equicoaching maakt leiders van hun pijnpunten bewust “Een paard reageert eerlijk en direct”



Geen teamoefening, geen rollenspel, maar een paard aan een touw te voet door de wei leiden. Dat is equicoaching, een zeer verrassende vorm van leiderschapstraining. “Het paard confronteert je enorm met je eigen stijl. Als het niet mee wil, stopt het gewoon”, zegt equicoach Eric Van Poucke. Hij organiseerde de slotsessie van het opleidingstraject "Het pad. Van persoonlijk leiderschap tot contextbouwer" van SD WORX.

Gewapend met rubberen laarzen de weide intrekken om je leiderschapscapaciteiten aan te scherpen: het is eens iets anders. De deelnemers aan ‘Het pad’ waagden zich eraan en de ervaring liet een indruk na. Ook op uw reporter.

Een paard zonder wrok

“Een paard is van nature een kuddedier”, legt Eric Van Poucke uit. “Om in groep te kunnen leven, moet het communiceren met de andere dieren in de kudde. Paarden doen dat via lichaamstaal en gevoelens. Een paard voelt daardoor snel aan hoe je er tegenover staat, ook als jij een mens bent.” Die eigenschap benut equicoaching ten volle. “Een paard leeft in het nu. Ben je nu boos, dan zal het daarop reageren. Het wordt opstandig, of bang, of negeert je. Maar ben je een minuut later vriendelijk, dan zal het ook weer vriendelijk reageren. Een paard koestert geen wrok, zoals mensen wel vaak doen.”
“Een paard reageert op de manier waarop je het benadert”, verduidelijkt Eric Van Poucke. “Stap je er op een al te dominante manier naartoe, dan zal het zich verzetten of zelfs weglopen. Ben je niet assertief genoeg, dan zal het paard met jou aan de haal gaan. Binnen de paar minuten word je je heel bewust van je eigen gedrag. En zodra je die confrontatie bent aangegaan, kun je experimenteren met andere stijlen.”
Bij equicoaching valt ook elke voorgeschiedenis weg. In de weide heb je geen last van de ballast die een werkomgeving of sociale context wel met zich meebrengen. Je kunt met de paarden volop experimenteren zonder dat je er achteraf op aangekeken wordt.

Leid jij of leidt het paard?

In het begin van de sessie staan de deelnemers er wat onwennig bij. “Ik ben bang voor paarden”, zegt er één. Toch gaan we allen de wei in. We moeten ons een problematische situatie met een werknemer voor de geest halen, die we willen oplossen. Als je denkt dat je contact hebt met het paard, kun je het vastklikken en te voet aan het touw rond de weide proberen te leiden. “Piece of cake”, zie je sommigen denken. “Oeioeioei”, luidt een andere reactie. Het blijkt niet zo vanzelfsprekend. De paarden hebben zo hun eigen ideeën over waar ze willen gaan en staan. De deelnemers pleiten, smeken, argumenteren, worden boos… De gezichten stralen als het paard uiteindelijk toch zijn hoofd opheft en gewillig meeloopt in de richting die de deelnemer vraagt. Mijn paard loopt bijvoorbeeld een rondje door de weide nog voor ik erbij ben geraakt. “Telt dat ook?” vraag ik. “Leidde jij het paard rond de wei of het paard jou?” vraagt Eric. Au, die zit…

Paard moppert niet

“Het is een onverwachte workshop, maar ik ben er enthousiast over”, zegt Stefan Hosten, senior manager clinical operations bij Cyberonics. “Ik herkende in de oefeningen heel duidelijk een aantal van de processen die we in de opleiding hebben doorgemaakt. Het is gigantisch frustrerend als het paard niet doet wat je wil. Het is weliswaar een dier, maar de confrontatie is niet minder dan als je met een mens te maken hebt. De metafoor van het paard is heel dankbaar en werkt dus echt wel. Je wordt op een aantal pijnpunten in je eigen leiderschap gewezen en daar kun je dan aan werken door het paard op een andere manier te benaderen. Ik zou iedereen aanraden om het eens te proberen.”
Eric Van Poucke: “In de loop van het experimenteren met andere gedragingen vind je er uiteindelijk een die werkt. In een werkcontext is de beste aanpak meestal om samen dingen aan te pakken, terwijl ieder zijn eigen verantwoordelijkheid opneemt. Dat is meestal de beste aanpak. Als leider geef je duidelijk de richting aan die je wil uitgaan, je bent heel consequent en je drukt erop dat iedereen zich aan de afspraken houdt. Zo haal je je doelstellingen, is het team mee. Het volgende is heel belangrijk: je kunt best goede dingen denken, maar als wat je voelt niet op dezelfde lijn zit, krijg je geen goede reactie. Het paard luistert niet. Een werknemer evenmin, maar het verschil is dat een paard meteen stopt. Als je met paarden werkt, zie je de onmiddellijke consequenties van je manier van leidinggeven. Dat is heel anders dan bij een medewerker die misschien wel luistert, maar eigenlijk ontevreden is.”

Contact met het paard

Nog een oefening. Je stapt langzaam op het paard toe en zoekt er contact mee. Kijkt het je aan, richt het zijn oren naar je? Die aandacht moet je proberen vast te houden. Je hebt iets in gedachten wat je van het paard (of een werknemer) gedaan wil krijgen. Zonder te spreken probeer je dat gevoel op het dier over te brengen. Heb je contact? Dan kun je een stapje dichter gaan. Vervolgens is het paard aan de beurt. Stapt het weg of begint het onverschillig door te grazen, dan ben je de mist ingegaan. Komt het dichter, geeft het je een duwtje, of – in het allerbeste geval – legt het zijn hoofd op je schouder, dan is de boodschap aangekomen.
‘Mijn’ paard lijkt aanvankelijk best oog en oor te hebben naar wat ik te vertellen heb. Ik concentreer me en probeer het naar me toe te lokken. Het draait zijn hoofd naar me toe. Ik zet een stapje dichter. De oren bewegen. Ik raak even in paniek en denk: “Nu vooral niet weglopen!” En hop! Het paard zet een stap opzij en begint te grazen. Eric lacht: “Je had hem bijna! Waar is het fout gelopen?” Ik zeg dat ik meer oefentijd nodig heb. “Nog een paar minuten en je bent er”, zegt hij. Daar kijk ik van op. Ik had op een paar extra dagen gerekend. “Zodra je een seconde afgeleid bent, ben je het contact kwijt. Dat is belangrijk in leiderschap: zonder contact met het team, blijft de boodschap niet hangen.”
Ik voel me een beetje onnozel, omdat de afwijzing door het paard me meer raakt dan ik zou willen. “Dat is normaal”, verzekert Eric me. “De reactie van het paard is confronterend, omdat ze zo aansluit bij de realiteit. De link paard/werknemer kun je altijd leggen. Daarom voel je je gefrustreerd als het paard je negeert. Maar net daarom is de bewustwording ook zo groot.” Ik vraag hem of hij vaak af te rekenen krijgt met sceptici. “Die kom je tegen”, antwoordt hij. “Maar om hun argumenten te pareren verwijs ik naar een wetenschappelijk onderzoek dat heeft bewezen dat equicoaching steevast tot gedragsverandering leidt, bij de meest uiteenlopende types leidinggevenden.” Op maar één op vijftig mensen heeft equicoaching totaal geen effect. “Dat komt dan omdat ze niet naar zichzelf en hun eigen gedrag willen kijken of omdat ze zich niet willen blootgeven aan een ander. En dat is natuurlijk de eerste vereiste.” Ik ga naar huis met het beeld van het paard op mijn netvlies: het paard dat me aankijkt, lijkt te aarzelen om naar me toe te komen en dan toch besluit weg te lopen. “De volgende keer lukt het me”, denk ik. En ik overloop wat ik dan zal veranderen in mijn aanpak. In gedachten zie ik Eric bemoedigend knikken.

Bron : SD Worx



Read More...

mercredi 31 octobre 2007

Quiz du jour : dans quel dictionnaire peut-on trouver «catalographie» ?

Un métier indispensable à la vente publique : la catalographie

LAURE EGGERICX

jeudi 25 octobre 2007, 13:57

Métier de l'ombre, il est inséparable de la vente publique autant qu'il lui est indispensable. Le cas de la librairie Henri Godts.

L'importance de la Belgique au niveau du livre est connue et reconnue. The Romantic Agony, Morel de Westgaver, Ferraton, Lhomme à Liège, pour ne citer qu'eux, les libraires qui pratiquent les ventes publiques ont chacun leur aura. À côté de ces grands noms, une masse d'anonymes jusqu'il y a peu, œuvre à la confection des catalogues. Ce métier méconnu existe aussi avec plus ou moins d'envergure dans les salles de ventes d'antiquités et d'arts ancien et moderne. Mais le livre constitue un domaine à part. Il a ses spécialistes, ses salles de ventes attitrées, ses collectionneurs et sa manière de fonctionner. Aujourd'hui, le nom des catalographes commence à être mentionné dans le colophon des catalogues.

La passion

Henri Godts s'occupe de la clientèle, des expertises, des successions et partages. Il « crie » les ventes publiques et assure la rédaction des notices des manuscrits anciens et des estampes. Autour de lui quelques passionnées décortiquent les ouvrages mis en vente, jamais les mêmes « même si ce sont des exemplaires d'une même édition, il s'agit chaque fois d'un autre cas », explique Delphine Strauven, catalographe spécialisée dans les ouvrages XVe-XVIe, les livres en anglais et en néerlandais ainsi que la cartographie.

Ce métier confidentiel, elle en ignorait l'existence avant d'avoir mis les pieds chez Godts où elle a été formée par Carine Deprez. Celle-ci travaille depuis près de 25 ans dans le domaine et continue à trouver son métier « génial : on apprend et on découvre tous les jours, on brasse tous les domaines du savoir, du XVe siècle au XXe. Le livre permet de voir l'histoire par le petit côté de la lorgnette. On y voit le monde. Même des bouquins de rien du tout témoignent de quelque chose (la vie d'un explorateur, celle d'un courtisan…). On est proche de ceux qui les ont écrits.

C'est un infini plaisir que de toucher des documents habituellement exposés dans des vitrines de musées : des manuscrits enluminés, de très belles éditions du XVIIIe siècle ou une originale des Essais de Montaigne. Rien de plus extraordinaire que d'avoir des textes fondateurs entre les mains ! On est au plus près du passé, de ce que les gens ont vécu surtout lorsqu'il s'agit de lettres autographes – ou de leur imaginaire par exemple lorsque la Californie était représentée comme une île dans la production cartographique !

Et lorsque l'on a la chance d'avoir une bibliothèque entière entre les mains, on peut sentir l'âme du bibliophile et mettre en valeur ses choix. »

Des infos précises et rigoureuses

Magie, émerveillement reviennent dans les propos des catalographes, issues de mondes différents mais toutes prises à fond par la déferlante, irrésistible et séductrice. Leur profession ne s'apparente ni à celle de marchand, ni à celle de chercheur. Sous des dehors de rat de bibliothèque, elle a des implications commerciales : le but ultime est la vente via la transmission d'informations précises et rigoureuses avec éventuellement une appréciation, un extrait choisi avec soin, une anecdote, un détail pour donner le ton.

« Il faut ramasser l'information, tout dire en peu de mots. La concision est la règle numéro un, sans pour autant tomber dans le style télégraphique », stipule Carine Deprez, insatiable en termes de découverte et intarissable à propos de sa profession.

Évolution constante

Métier de passion et de feeling – « il faut sentir le livre, le toucher, avoir du flair et repérer l'adresse bibliographique, le titre ou le détail qui en fait quelque chose de spécial » –, il a changé au fil du temps : des petites mains qui collationnaient les données à l'époque où les libraires se succédaient de père en fils et, brassant énormément de livres, avaient une connaissance intrinsèque permettant de rédiger leurs catalogues eux-mêmes, aux universitaires qui étoffent désormais les notices catalographiques.

Formés sur le tas

Aucune étude ne prépare au métier en Belgique. Ces universitaires sont des historiens, romanistes ou journalistes formés sur le tas. Une connaissance de la bibliographie couplée à un regard critique qui donne à jauger l'exemplaire par comparaison et à le déchiffrer leur permet de faire passer quelque chose au lecteur – et acheteur potentiel – dans le catalogue en mettant le doigt sur « le » passage représentatif de tout le contenu.

Le métier présente plusieurs spécificités, comme le résume Carine Deprez : « la responsabilité de la mise en valeur objective de la marchandise confiée par les clients et la description de ladite marchandise avec primo tout ce qui concerne la description et l'état (la condition), secundo vérifier si le livre est complet ou non, s'il est enrichi (suites, envois, opuscules, provenances…).

Définir ensuite l'édition (originale ou seulement en partie, contrefaçon, édition clandestine ou à compte d'auteur, première édition illustrée, tirage…) et de donner le contexte historique, littéraire, scientifique dans lequel l'œuvre a émergé.

Après la rédaction de la fiche, il s'agit de mettre les prix en fonction du marché et de la marchandise. Ensuite viennent la correction d'épreuves et la mise illustrée sur le web en trois langues. »

Autant dire un programme sans relâche avec une prévalence de contacts livresques, ce qui tombe bien pour ces fascinées du livre qui à chaque vente se retrouvent au cœur de l'univers bibliophile.

source : Le Soir


Read More...